Overslaan en naar de inhoud gaan

U bent hier

Pestbuddy methodiek van Laura Bogaers

donderdag 30 augustus

Laura Bogaers, ondertussen afgestudeerd aan de banaba zorgverbreding en remediërend leren, ontwierp een preventief beleid rond pesten. Een pestbuddy methodiek die ze uittestte in de Vrije Basisschool Aan de Basis in Smeermaas. Ze werd geïnspireerd door de aanpak van de Vrije Basisschool De Klimop in Sint-Truiden.

Om aan innovatie op schoolniveau te werken, moet er volgens Laura altijd worden ingezet op drie pijlers:

  • activiteit: wat gebeurt er al in de klas en klasoverschrijdend?
  • organisatie: wordt er structureel tijd gemaakt voor overleg hierover?
  • visie: voelen alle leerkrachten zich competent om er zowel preventief als curatief mee om te gaan?

Activiteit en organisatie zitten vaak goed, toont het onderzoek van Laura aan. Het is echter van groot belang dat de scholen meer handelen vanuit een sterke, duidelijke en onderbouwde visie. Laura kiest zelf voor nieuwe autoriteit. 

Laura lijstte ook de noden en kansen op samen met leerkrachten, het zorgteam, directie en ouders.

  • Hoe oefen je leerlingen in het opnemen van verantwoordelijkheid?
    Laura verdeelde de leerlingen van de lagere school in klasdoorbrekende kleurgroepen. Elke kleurgroep kreeg twee kapiteins. Deze kapiteins zijn de leerlingen van het 6de leerjaar. De leerlingen kunnen dan pestproblemen melden aan hun kapitein. De kapiteins worden getraind, geëvalueerd en bijgestuurd om er verbindend mee om te gaan. Ze ondertekenden een contract waarin de taken van de rol van een kapitein werden uitgelegd. Ook de ouders, directie en leerkrachten ondertekenden dit. Hierdoor werden alle partijen vanaf het begin betrokken.
     
  • Hoe werk je herstelgericht aan de context?
    Een pestprobleem mag nooit ‘opgelost’ worden in een gesprek tussen dader en slachtoffer alleen. Het pestgedrag gaat de hele context aan. Een probleem van de context, wordt ook met de hele context opgenomen. Iedereen is deel van de oplossing. Dat betekent dat kinderen getraind worden om problemen bij elkaar, de kapiteins of een vertrouwenspersoon te melden. Zodat ze nadien zowel het slachtoffer als de dader weer kunnen adopteren in de groep en dat beiden met een schone lei opnieuw kunnen beginnen. De evaluatie van het pestprobleem is tevens een evaluatie van de sterkte van de context en wat kinderen daarin (niet) gedaan hebben.
     
  • Onze kinderen hebben het gevoel dat ze klikken wanneer ze iets melden. Halid uit het 6de leerjaar in Genk verwoordde het mooi. Hij zegt dat kinderen moeten weten dat ‘melden’ betekent dat je iets feitelijks meedeelt, zoals het echt gebeurd is, met de intentie het goede te doen voor alle betrokkenen. Hij spreekt pas van klikken als je niet feitelijk rapporteert en iemand wil bevoor-of benadelen. Laura bevestigt dat vooral de intentie centraal staat en vult die omschrijving graag aan. Wanneer kinderen horen dat je meldt vanuit ongerustheid vervalt de negatieve connotatie van klikken. Rollenspelen die het goede en het slechte voorbeeld geven, zijn een must volgens Halid. Ook moet melden op een veilige plek of op een veilige manier kunnen en liefst bij een vertrouwenspersoon.
     
  • “Ik weet niet of ik de pestsignalen wel altijd opmerk”, zegt een bezorgde leerkracht. Door de pestbuddy methodiek wordt dit niet alleen de verantwoordelijkheid van de leerkracht. De draagkracht en signalisering worden vergroot. De leerkrachten hebben vaak geen draaiboek als houvast, maar wensen dat wel. Laura stelt een schoolreglement voor dat opgemaakt wordt volgens de visie van nieuwe autoriteit met herstel voor iedereen, inclusief de context.
     
  • "Het is al beter, zeg ik dan maar omdat ik niet anders durf". Aan het slachtoffer wordt vaak gevraagd of het al beter gaat. Kinderen zijn zeer gevoelig voor het antwoord dat de leerkracht hoopt te horen en zeggen dan al vlug "ja hoor". Daarnaast blijven ze erg bang voor groepsdruk. Ook hier kunnen andere kinderen soelaas bieden: ook zij spreken zich uit over de veiligheid, kansen en verbinding die ze aangegaan zijn en beschermd hebben.

 

Laura is verbaasd over hoe krachtig een schoolteam, kinderen en ouders zich in een netwerk kunnen verenigen dat tegelijk sterk preventief werkt en verbinding weet te herstellen als dat nodig is.