Overslaan en naar de inhoud gaan

U bent hier

Beste school, fijne vakantie!

vrijdag 28 juni

Het is me wat: heeft u net de poorten opengezet voor de nieuwste groep instappertjes, dan zwaait u vandaag al statig de oudste leerlingen uit. Zo gaat het intussen jaren, decennia zelfs, als was het de grootste constante van onderwijs: dat leerlingen komen, dat ze binnen uw muren onderwezen worden; dat ze iets, alles of iets daartussen leren; dat ze toetsresultaten verzamelen en dat ze gaan, de wereld in, elke dag, elk schooljaar, telkens opnieuw. Maar u, school, u blijft. En precies u heeft me dit jaar van m’n sokken geblazen.

Binnenkijken

Een jaar lang mocht ik via onderzoeksprojecten binnenkijken en zien wat er gebeurt bij u, in uw klassen, gangen en leraarskamer, in uw bibliotheek, medialokaal en stille ruimte, op uw speelplaats en onder uw afdak. Ik mocht binnenkijken bij u en tegelijk bij uw collega van een ander onderwijsnet, vroeger eerder werelden van verschil, al waren er slechts enkele kilometers tussen. Nu staat u daar vaak met gebouwen en speelplaatsen die aan elkaar grenzen als was het alsof uw architecten begrepen dat gedeelde fundamenten voor sterkere schouders en een nieuw soort onderwijsvrijheid zorgen.

Ik zag de schuifwanden om klassen héél ruim dan wel héél klein te maken. Er moesten een paar van uw oude muren voor wijken. U tilde er minder zwaar aan dan sommige leraren want u wist het nog ‘die snelbouwstenen tussen 1A en 2B vormen geen draagmuur’. En u vertrouwde erop dat een leerling ook in zo’n grote ruimte een speld kan horen vallen als de aandacht en de focus maar goed zit. Ik zag de doordachte lichtinval die nieuwe ideeën mogelijk maakt in de hoofden van uw pubers omdat de leraar in én uit het zicht staat, de directeur die haar deur haast nooit sluit en evenmin zelden op haar bureau te vinden is, de jongen die maanden -een nieuwe school zelfs - nodig had om een andere veilige plek te vinden dan een zeteltje in uw bibliotheek.

Een andere blik op evaluatie

Ik zag u glimlachen toen de leerlingen op zoek gingen naar beelden in een photovoice-project. ‘Hoe zie jij een toets?’ vroegen de onderzoekers en de leerlingen maar foto’s nemen en vertellen. Een foto van de tafelvoetbaltafel – ‘soms is het chaos, soms kan je strategisch antwoorden, soms schiet een spel, allé een toets, alle kanten op en weet je niet wat er gebeurt en soms verzin je iets waarvan je weet dat je er echt mee kan scoren’ - een foto van de grote trap – ‘het gaat treetje per treetje en dan ineens ben je boven en kan je de trap op- en afrennen en dan gaat het dus goed hé, met die toets’ – een foto waar een klasgenootje al volleyballend voor moest poseren –‘dat is Marie en die is aan het toetsen, zo bovenhands, we hebben dat geleerd dit jaar en als ik toetsen afleg dan leer ik ineens ook iets waarvan ik nu niet goed snap dat ik dat daarvoor niet wist.’      

Uit evenwicht

Maar ik zag u ook de adem inhouden toen die ene klas een mooi tafeltje zocht voor een foto, een bloem, een boek en een kaarsje. Hun medeleerling, op de foto nog wel en nu niet meer onder hen. De strafste school worden stelde ineens niets meer voor. Ik hoorde u kraken – letterlijk deze keer – want die tijdelijke trap van de jaren 70 in dat prefabgebouw, die kan echt niet meer tegen het getrappel van honderd keer twee voeten acht keer per dag. ‘Kindererosie’, noemde de architect het. ‘Tot op de draad versleten’, zei een gepensioneerde collega die nog wist van de post-schoolpacttijden waarin duchtig gebouwd kon en moest worden. ‘We hadden hiervoor tien jaar geleden een dossier moeten indienen’, zuchtte de schoolbestuurder, ‘dan hadden we nu dat plan misschien kunnen uitvoeren’. En ik zag dat u ook niet wist wat te doen met die ene tafel in de leraarskamer. Behalve tijdens stageweken zit er niemand aan, alsof er een bordje op staat ‘gereserveerd voor stagiaires’. Alsof het vanzelf zal gaan dat ze met hun hippe slaatjesbox – brooddozen zijn passé – naar de tafel van de anciens verhuizen als ze in september als collega starten. 

Compagnons

Gelukkig is er altijd de zomerlinde, uw compagnon de route op de speelplaats. Dit jaar kreeg ze gezelschap van een wilgenhut, een paar vierkante moestuinen, een bijenbloemenweitje en een handvol dikke boomstammen van oude kastanjes. Die nieuwelingen verdwijnen misschien weer of wie weet gaan alle speelplaatstegels er wel eens uit en was dit maar het begin. Een ouderraad met een frisse dynamiek, een enthousiaste werkgroep speelplaatsgroen, een nieuw subsidiekanaal, spandoeken van leerlingen of voortschrijdend inzicht – helemaal begrijpt u het ook niet waarom ideeën de ene keer wel en de andere keer niet tot leven komen. Maar ach, zolang de linde takjes laat dwarrelen op de speelplaats kan er geleerd worden. Want de takjes op een hoopje, natuurlijk zijn dat schaapjes en die takjes op een rij, natuurlijk is dat een mooie kronkelige lijn en zo’n kronkellijn, natuurlijk is dat een straat en zes takjes in een juiste vorm, daar ziet toch iedereen een huisje in? En de juf die mee komt spelen en die de kleuters uitdaagt om nog huisjes te bouwen, een groter en een kleiner, eentje met een puntdak en eentje met een plat dak en eentje voor vijf schaapjes, natuurlijk is dat wiskunde. Ik zie u al uitkijken naar de herfst waarin ook de blaadjes kunnen meespelen. Maar eerst verdient u vakantie.   

Ruth Wouters
Verantwoordelijke expertisecentrum Education & Development UCLL

Foto: Helena Bijnens