Overslaan en naar de inhoud gaan

Vorm van de opleiding

Het postgraduaat bestaat uit 5 vakken, met een totaal van 24 studiepunten, waarmee een student bij slagen voldoet aan de twee wettelijke vereisten om als CLIL-leerkracht aan de slag te kunnen: een gedegen kennis van de CLIL-didactiek én het vereiste vreemdetaalniveau (C1).

De invulling van het postgraduaat bestaat uit de volgende vakken en studiepunten (SP):
Raadpleeg de studiegids hier.

CLIL: Concepts and Principles
Theoretisch vak met praktische toepassingen
3SP
Organising CLIL
Theoretisch vak met praktische toepassingen  
 3SP
Language: Code & Culture
Theoretisch en praktisch werkcollege
3SP
CLIL in the classroom: praktijkcollege
- CLIL didactics
- CLIL linguistics
 6SP
- 4SP
- 2SP
Taal: praktijkcollege
Keuze uit Engels, Frans, Duits of Nederlands als vreemde taal
  9SP

Informatie over de opleidingsonderdelen

Je kan ook inschrijven voor:

  • sommige aparte sessies (aangeboden als nascholingssessies)
  • aparte vakken.

Het is ook mogelijk om de opleiding over meerdere jaren te spreiden. Een student kan bijvoorbeeld in jaar 1 een deel van de vakken volgen en in jaar 2 het resterende deel.

Taal van de opleiding

De voertalen voor de vakken zijn het Engels en het Frans, en in mindere mate ook het Nederlands. Er wordt dus van de studenten verwacht dat zij in voldoende mate deze talen beheersen om de lessen te volgen (passieve kennis, niveau B1). Vermits in de lessen de CLIL-methodieken gehanteerd worden, krijgt de student voldoende ondersteuning om de inhouden te begrijpen en zich te uiten in deze talen. Het minder goed beheersen van de voertaal kan geen hinderpaal zijn om al dan niet te slagen voor het vak. De student kiest sowieso (minstens) één CLIL-taal die hij op niveau C1 moet beheersen.

Taallessen

In het postgraduaat CLIL zijn 9 studiepunten voorzien voor praktijkcolleges Taal. Het gaat hier over de vreemde taal waarin de CLIL-leerkracht zijn lessen zal geven. Dit is voor Vlaanderen het Frans, het Engels of het Duits. Voor Wallonië is dit het Nederlands, het Engels of het Duits. In Nederland is dit doorgaans het Engels.
Wie reeds aan de taalvereisten voldoet en dit ook kan staven, wordt vrijgesteld van de taalcomponent in de opleiding.
Voor studenten die reeds startbekwaam zijn voor één vreemde taal, is het ook mogelijk om via het postgraduaat voor een bijkomende vreemde taal het getuigschrift te halen.
Voor de studenten die de taalopleiding (9 SP) binnen het postgraduaat volgen, geldt het volgende:

Mogelijkheid 1

Je volgt een taalopleiding in een zelf gekozen instelling (of privé of in zelfstudie) en legt een examen af dat je C1-bekwaamheid aantoont. Samen met een voldoende resultaat voor de andere vakken van het postgraduaat bezorgt dit jou het getuigschrift van het postgraduaat.
Indien je het C1-taalniveau nog niet behaalt na 1 jaar, wordt het getuigschrift van het postgraduaat uitgesteld tot je het bewijs van C1 kan voorleggen. In afwachting kan je wel creditbewijzen ontvangen voor de vakken die je met goed gevolg aflegde.

Mogelijkheid 2

Je volgt een taalopleiding aan het Centrum voor Levende Talen (CLT) in Leuven. Deze instelling werkt met ons samen. Deze opleiding kost 180 euro (niet inbegrepen in het inschrijvingsgeld van het postgraduaat CLIL).
Vóór inschrijving aan het CLT leg je een plaatsingsproef af.
Als uit de plaatsingsproef blijkt dat je huidige taalniveau hoog genoeg is, dan kan je in één jaar tijd C1 behalen.
Indien je meer dan één jaar nodig hebt om het C1-niveau te bereiken, dan wordt het getuigschrift van het postgraduaat uitgesteld tot je het bewijs van C1 kan voorleggen. In afwachting kan je wel creditbewijzen ontvangen voor de vakken die je met goed gevolg aflegde.